Onze wereld is een verzameling van gemeenschappen – en elke gemeenschap bevat de kracht om zelf problemen aan te pakken, initiatief te nemen en gezamenlijk verantwoordelijkheid te dragen. Juist in regionaal verband en op lokaal niveau kunnen zo krachten worden gebundeld om publieke waarde te creëren. Maar hoe speel je daar als overheid effectief op in? Een hoe stuur je op initiatief?
In de traditie van positieve bestuurskunde – leren van succesverhalen – hebben auteurs Georgina Kuipers, Gert Jan Geertjes, Quirine Ganzeboom, Tijs van de Vijver, Nancy Chin-A-Fat en Geerten Boogaard van het essay Verbeelding verbindt geanalyseerd welke werkzame ingrediënten van gemeenschapskracht te ontdekken zijn in drie cases. Zij onderzochten (1) het programma Ruimte voor de Vecht in het Overijsselse Vechtdal, (2) de Vereniging Circulair Fryslân in Friesland en (3) het project Energy Island op het Zuid-Hollandse Goeree-Overflakkee.
Aan de hand van de casuïstiek hebben zij geanalyseerd wat succesfactoren zijn in de relatie tussen ruimtelijke identiteit en gemeenschapskracht, en deze omgezet naar op de toekomst gerichte principes:
- Ruimtelijke identiteit is brandstof voor gemeenschapskracht
- Doe niet te dik over identiteit; het gaat juist om de verbeeldingskracht
- Geen realisatievermogen zonder collectieve verbeelding
- Incorporeer lokale (verzets)identiteiten in een regionale identiteit
Deze vier succesprincipes vormen een basis voor het aanwakkeren van gemeenschapskracht en vormen het fundament voor het versterken van samenwerking en het realiseren van ambitieuze transities.
Dit essay is geschreven in samenwerking met de Stichting Thorbecke Leerstoel en is geschreven in opdracht van de provincies Flevoland, Fryslân, Gelderland, Overijssel en Zuid-Holland.